Zo deden de huurlingen van NEC het in de KKD
In dit artikel:
Met drie speelrondes te gaan in de Eredivisie is de Keuken Kampioen Divisie-regular season voorbij; NEC had dit seizoen drie spelers uitgeleend aan clubs op dat niveau. De uitkomst was wisselvallig.
Argyris Darelas (gehuurd door FC Dordrecht) begon veelbelovend. Bij NEC was hij in de voorbereiding kort als noodoplossing centraal gezet, maar Dick Schreuder rekende niet op hem. Dordrecht, onder leiding van Dirk Kuyt, pakte hem in de winterstop; in zijn eerste zes duels bleef de club ongeslagen en Darelas scoorde twee keer. Daarna kromp zijn rol en in het slot van het seizoen belandde hij zelfs op de bank. Eindbalans: 15 wedstrijden en twee goals, geen assists.
Yousri Sbai (gehuurd aan VVV-Venlo) kreeg bij NEC nauwelijks kansen — zijn totale speeltijd voor Nijmegen beperkte zich tot acht minuten in twee Eredivisie-wedstrijden. In Venlo daarentegen groeide hij uit tot vaste rechtsback (ook inzetbaar links): 17 optredens, geen doelpunten of assists, drie gele kaarten en twee wedstrijden zonder tegendoelpunt. Sbai haalde hierdoor wel de gewenste wedstrijdminuten.
Tim van de Wiel (uitgeleend aan TOP Oss) kreeg bij NEC eveneens alleen kort vertrouwen in de beker. Zijn verhuur leverde weinig op: slechts zeven optredens, waarvan twee als invaller, en daarmee geen doorbraak in Noord-Brabant.
Kortom: de loans boden uiteenlopende leermomenten — Darelas kende een sterke start maar zakte weg, Sbai verzamelde veel speelminuten en stabiliteit, terwijl Van de Wiel te weinig kansen kreeg om zich te ontwikkelen.